April 2009 (Geschreven door Sjoerdtsje Meike)

 

Na een periode van overwegen had ik eindelijk de knoop doorgehakt tot het nemen van een hond. Het idee adopteren sprak me erg aan. Verschillende sites hield ik al een poosje in de gaten en toen ik Layla, een lief terriërhondje zag was ik verkocht. Telefonisch was ze min of meer al toegezegd, alleen het huisbezoek moest nog plaatsvinden. Echter, het geval wilde dat ditzelfde hondje op dezelfde dag ook in Kroatië geadopteerd was. Iets wat zelden voorkomt en misschien dan ook wel zo moest zijn…

De dag daarop kwam Conny toch op huisbezoek en in dit kennismakingsgesprek stelde ze voor dat ik ook mee kon gaan naar Kroatië om mijn eigen hondje uit te zoeken. Het was maandag en de vrijdag daarop vertrokken we: Conny, de oprichtster van de stichting, Paul, die al vele klussen voor de shelter heeft geklaard, Tamara en Helma twee Friese zussen en tevens hondentrimsters met de taak honden zomerklaar maken en ik om mijn eigen hondje uit te zoeken.

 

Na een nacht rijden en twee uurtjes slaap kwamen we aan in Shelter Spass, het asiel.

Zo’n 350 à 400 honden verdeeld over ongeveer 28 yards afwisselend van redelijke oppervlaktes tot soms maar enkele vierkante meters. Letterlijk alle ruimtes van de shelter zijn gevuld met honden, zelfs de w.c., keukens en gangpaden. De eerste indruk was overweldigend.

Na de poort gepasseerd te zijn sta je direct in de eerste yard tussen ruim 50 honden, de grootste roedel. Bij binnenkomst van een vreemde slaan de honden aan en de honden uit de aangrenzende yards doen uitbundig mee. In de yard zelf word je besprongen door vaak een groot deel van de roedel. Sommige honden blijven stilletjes in een hoekje zitten, schieten schichtig weg of durven hun hok niet uit, anderen hebben het te druk met blaffen tegen de honden uit aangrenzende yards.

Aangegrepen door de grote hoeveelheid honden op een klein stukje grond, lopend op kiezels tussen de poep en vieze hokken, schreeuwend om aandacht, vroeg ik mij af hoe ik ooit een keuze zou kunnen maken. Eén hond, slechts één hond van al deze honden die zo graag gezien willen worden! Om niet overmand te worden door emoties besloot ik mijn gevoelens enigszins uit te schakelen en me eerst maar eens nuttig te maken voor het asiel. De keuze zou vanzelf wel volgen, ik had nog een hele week te gaan.

 

Mijn eerste klus was een eindeloze hoeveelheid knakworsten uit verpakkingen halen, gevolgd door het in mootjes hakken van immense levers. Afvalvlees is zo’n beetje dagelijkse kost voor de asielhonden. Tegenwoordig wordt dit afgewisseld met brokken, verkregen door inzamelacties. Dagelijks wordt er een overdadige hoeveelheid voedsel over de verschillende yards verdeeld. Het idee hierachter is dat wanneer de dominantere honden verzadigd zijn er ook nog voedsel over is voor de honden lager in rangorde. Het gevolg hiervan is echter wel dat er ook een stel veel te dikke honden rondloopt in het asiel. Zonde, want deze dikkerds zullen niet snel uitgekozen worden ter adoptie, terwijl het zulke leuke honden kunnen zijn.

 

Naast het vleesverwerken  was er ook de dagelijkse ronde poepscheppen. Gewapend met een emmer, plamuurmes en blik gingen we veelal in tweetallen de yards te lijf. Deze klus was bepaald geen pretje. Doordat de honden door de uitwerpselen lopen en je steeds weer bespringen, zit je er in een mum van tijd onder. En dan heb je nog geluk wanneer het droog weer is, want met regen is het helemaal een smeerbende.

Een praktische oplossing voor de emmers en het handgereedschap zou welkom zijn. Al na een paar yards is de emmer vol en zwaar. Vervolgens moet je met die zware emmer het hele terrein over om het achter in een gat te kunnen legen. Kruiwagens zijn bijvoorbeeld geen optie. Wanneer je van de ene yard naar de ander gaat is het altijd uitkijken geblazen dat er geen honden tussen uit piepen en in de buuryard terecht komen. De buurroedel stort zich op zo’n overloper en als je er niet op tijd bent betekent dit het einde van de hond. Wanneer je met een kruiwagen door de deuren gaat is de kans te groot dat er honden overlopen.

In eerste instantie werden de uitwerpselen in de containers gegooid die geleegd worden door de vuilafhaaldienst. Doordat met het poeprapen soms ook het grove grind waarop de honden lopen wordt weggegooid, kan de vuilnisdienst dit afval niet langer verwerken. Achter de shelter is nu een enorme kuil gegraven waarin de uitwerpselen worden gegooid. Na een paar  maanden tijd is deze kuil al voor de helft gevuld. Dit is dus een tijdelijke oplossing wat met de zomer voor de deur nog wat beloofd te worden.

Wanneer het asiel een veld in de omgeving tot haar beschikking zou hebben, kunnen hier de honden worden uitgelaten. Dit zal enorm schelen in de hoeveelheid ontlasting per yard, een hond vindt het immers zeer onprettig om zijn eigen territorium te bevuilen.

Daarnaast kunnen de honden dan ook beter hun energie kwijt. Nu bevinden ze zich dag en nacht op vaak maar een paar vierkante meters.

 

Met de komst van de stichting zijn de vier werknemers van het asiel nu zelf ook overgegaan tot het dagelijks poepruimen, hierdoor zien de yards er nu een stuk schoner uit. Naast het voeren hebben zij hier een dagtaak aan. Aan ons om de yards wat uitgebreidere onder handen te nemen. Bij het uitmesten van de hokken stuitten we regelmatig op ratten in een vergevorderd stadium van ontbinding en dan te bedenken dat de honden hier tussen liggen te slapen.

 

Bij binnenkomst van iedere yard gebeurt het volgende: je wordt besprongen door honden en het geblaf gaat als een golf door het hele asiel. Afhankelijk van de honden in de roedel, kan het bespringen erg aanhouden. Met afweren bij de dominante honden is het uitkijken geblazen zij zien de vreemden niet als leider. Toch zijn ze niet agressief en worden rustiger naarmate je een poosje in de yard verblijft. 

Ergens was ik verbaasd dat de honden niet agressief op ons reageren. Ze zijn zo blij wanneer je ze even aanhaalt of met ze speelt. Het enige wat ze willen is aandacht en daar hebben de medewerkers van het asiel geen tijd voor. Dan te bedenken dat de meeste honden al jaren in het asiel zitten en veel van hen slecht behandeld zijn door mensen.

Dit werd vooral duidelijk tijdens het trimmen van de honden. Vrijwel alle honden gedroegen zich erg rustig op tafel, tijdens hun kappersbeurt. Honden waarvan betwijfeld werd of ze wel te trimmen waren, bleken vaak erg rustig. Naar alle waarschijnlijkheid genoten ze van de volle aandacht en de rust.

 

Met de extra handen van het vrijwilligersteam kwamen we deze week tussen de bedrijven door ook toe aan het aanhalen van en spelen met de honden. Vaak heb je juist bij de wat onderdanige honden de neiging hen aandacht te geven en te knuffelen. Wanneer je je aandacht echter niet over de honden verdeeld en te lang bij de honden lager in rangorde blijft, is de kans groot dat deze honden door de anderen uit de roedel gepakt worden wanneer je verder gaat met de werkzaamheden.

Op dit “pakken” bleken we sowieso alert te moeten zijn. Het liefs sluit je je af voor het voortdurende harde geblaf van alle honden en eigenlijk hoor je het op een gegeven moment ook niet meer. Maar toch neemt het geblaf regelmatig in intensiteit toe. Vaak heeft zich dan wat voor gedaan tussen twee honden waarbij de één de ander terecht wijst. Wanneer dit terechtwijzen plaats vindt, stort vaak een deel van de roedel zich op de desbetreffende hond, wat fatale gevolgen kan hebben als er niet op tijd door één van de medewerkers wordt ingegrepen.

Toen Conny en ik op een dag in één van de yards aan het schoonmaken waren, greep een zwarte reu uit het niets een ander hond. Er werd wild geblaft gegromd en heen en weer geschud door de zwarte reu, terwijl de andere hond weerloos piepend in een onderdanige houding werd meegesleurd de yard door. Ik was verbijsterd en door angst lam geslagen, niet wetend hoe hier zo snel op te reageren. Conny pakte een emmer water en liet deze op het stel los in de hoop ze af te schrikken en uit elkaar te drijven. In dit geval had dit weinig effect, zelfs het roepen en slaan met de emmer tegen de zwarte hond kon hem er niet van weerhouden de andere hond mee te sleuren een klein hondenhok in. Het wilde schudden en pijnlijke piepen hield aan en wij konden niets meer doen. Tanja, (medewerker van de shelter) wilde te hulp komen, maar kon de yard niet bereiken omdat de deur niet aan beide kanten van het slot te krijgen is. Gelukkig liep dit voorval goed af, de hond kwam er met een beschadigd oor af. De zwarte hond werd in een andere roedel geplaatst en een aantal dagen later gecastreerd.

Wat zou helpen is dat alle deuren in het asiel aan beide kanten bedienbaar zijn, zodat wanneer iemand een yard is binnengegaan en de deur achter zich op slot heeft gedaan een ander deze yard ook kan bereiken, ongeacht van welke kant hij komt.

Wanneer er een veld in de buurt van het asiel beschikbaar komt, kunnen de honden daar uitgelaten worden en zo hun energie beter kwijt waardoor de behoefte om zich op elkaar af te reageren afneemt.

Door alle honden te castreren wordt de dominantie van de honden ingeperkt. Lees ook het stukje over de castratieacties.

 

Door wat langer in een yard te verblijven krijg je meer van het roedelgedrag en ook van de individuele honden te zien. Sommige honden vertonen in de roedel zeer dominant en soms ook agressief gedrag, terwijl het in een één op één situatie met een mens een zeer aangenaam dier blijkt te zijn. Doordat je de honden vrijwel alleen in de roedel ziet is het dan ook moeilijk om aan te geven hoe het dier zich in een thuissituatie zal gedragen. In grove lijnen is het wel aan te geven en onderling zijn zeer duidelijke karakterverschillen zichtbaar, alleen is dit wel op basis van de asielsituatie (een omheind gebied van gaas, een roedel honden, grof grind op de grond en wat hondenhokken en manden).

Hoe de hond zich in ons dagelijks leven (ritme, huis, verkeer, wandelingen en alles wat je daarbij tegen komt) zal ontpoppen blijft de vraag.

 

Halverwege de week arriveerde Anna, de Russische dierenarts uit Spanje. De sfeer raakte meer en meer opgelaten, naarmate de dag van Anna’s aankomst naderde. Het werd me duidelijk hoe belangrijk dit is voor de mensen die zo betrokken zijn bij het asiel. De situatie voor de honden en daarmee ook voor de mensen die hierbij zo betrokken zijn lijkt soms zo uitzichtloos. De medewerkers van het asiel komen alleen maar toe aan voeren, wat schoonmaakwerkzaamheden en inspelen op de incidenten die zich voordoen. Vaak is het zo dat men daar alleen maar honden ziet komen, met uitzondering van de enkele hond die in Kroatië geadopteerd wordt. Wanneer er dan ook nog puppies worden gebracht of geboren zit men daar met de handen in het haar. Er is geen tijd en ruimte voor ze en wat voor toekomst gaan ze tegemoet?! Bovendien bestaat een nestje al snel uit acht pups.

Ondertussen worden er redelijk wat honden meegenomen naar Duitsland en Nederland, maar toch lijkt ook dit soms dweilen met de kraan open. Natuurlijk kijken we naar iedere hond die gered wordt en een goed plekje krijgt. Maar voorkomen blijft nog altijd beter dan genezen.

Anna de dierenarts is dan ook voor het asiel als een reddende engel.

Voor haar komst hadden we een ruimte gesteriliseerd zodat Anna daar haar werkzaamheden uit kon voeren, daarnaast werd ook een ruimte vrijgemaakt waar de dieren bij konden komen na de ingreep.

Ik mocht Anna gedurende onze laatste twee dagen Kroatië bijstaan met hand- en spandiensten. Bijzonder om deze ingrepen van zo dichtbij mee te maken.

In de ruimte stond een tafel waarop de dieren werden behandeld, een kastje met daarop de instrumenten van de dierenarts en een aantal benches waarin de dieren werden geplaatst alvorens ze werden geopereerd en nadien even bleven liggen tot ze enigszins bijkwamen. Vervolgens werden de dieren verplaatst naar de herstelkamer, waarna ze de volgende dag weer in hun roedel geplaatst werden.

Veel van de dekens die zijn verkregen middels inzamelacties zijn gedurende deze dagen gebruikt als ondergrond in de bench en herstelkamer en als warmhoudlakentje voor de geholpen dieren.

Af en aan werden de honden en ook enkele katten aangeleverd, zowel uit het asiel als ook een enkeling van buitenaf. Anna’s streven lag op 20 dieren per dag.

Op de dagen dat Tania werkte liep alles gestroomlijnd. Tania weet van al het reilen en zeilen in het asiel, zij kent alle honden en weet wat er moet gebeuren. Toen Tania een ochtend vrij was, bleek dat de andere werknemers niet wisten welke dieren behandeld moesten worden en stokten de werkzaamheden enigszins. Dit is niet uit onwil of het niet betrokken zijn bij de werkzaamheden. De vier werknemers van het asiel werken dagelijks 6 uur, vaak wordt dit langer omdat er altijd teveel te doen is. Hun werkwijze is inspelen op wat de hectiek toelaat. Aan het organiseren en structuren komen de werknemers niet toe.

Stichting Idemo speelt hier op in. Als buitenstaander vallen dit soort dingen je vaak sneller op dan wanneer je midden in zo’n situatie verkeert. Doordat de Stichting regelmatig in het asiel komt, honden meeneemt en oprecht betrokken is bij de situatie, beginnen de medewerkers ook meer voor interventies open te staan. Waar de Stichting o.a. samen met de werknemers van het asiel naar toe wil werken is dat er meer met overdracht gewerkt gaat worden. Nu ligt alles opgeslagen in de hoofden van de mensen en met name in het hoofd van Tania. Wanneer er dagelijks een kort moment wordt vrijgemaakt voor overdracht en bijzonderheden genoteerd worden, wordt de verantwoordelijkheid meer gedeeld en kunnen acties zoals het trimmen van honden en de sterilisatie-, castratieactie beter gestroomlijnd worden.

Ondanks dat het aanvoeren van honden even stokte wanneer Tania niet in de buurt was, is Anna de dierenarts niet onverrichter zaken naar huis gegaan. Zij heeft namelijk alle nog onbehandelde honden en katten gecastreerd en gesteriliseerd, 92 in totaal!

Het is de bedoeling dat deze sterilisatie-/castratieactie jaarlijks plaatsvindt. In de eerste plaats om het aantal bijkomende honden te beperken en daarnaast om het hormoongestuurde gedrag van de honden enigszins in toom te houden.

 

Terwijl Anna volop aan het werk was en daarnaast alle werkzaamheden in het asiel gewoon doorgingen, werkten wij toe naar ons vertrek. Voor mij voelde dit enerzijds heel onwerkelijk. In een week tijd heb ik kennis gemaakt met een compleet nieuwe wereld die mij niet in de koude kleren is gaan zitten. Zoveel honden op vaak slechts een paar vierkante meter, schreeuwend om aandacht, een eigen plekje, wat ruimte en rust.

En dan de mensen betrokken bij de shelter, zo vriendelijk en gastvrij. Bijzonder hoe je in een week tijd even zo’n onderdeel van elkaars leven uit kunt maken.

Toch had ik anderzijds ook veel zin in de terugreis en vooral het weer thuis zijn. Uiteindelijk was ik meegegaan om mijn eigen hondje uit te kiezen. Die keuze had ik ondertussen gemaakt en ik kon niet wachten om haar op te nemen in mijn leventje